Pagina 9 van 9 pagina's « First  <  7 8 9

#234 DODE VOLGER

(De lege zalen van Arie B. wordt binnenkort vervolgd.)

Op mijn recent aangemaakte twitteraccount had ik tot vorige week nul volgers. Aan die sneue toestand is een eind gekomen. Ik heb er nu drie:  een krankzinnige, een onbekend Brits museum, en een overleden Italiaanse zanger. Ik zal hier niet zeggen: van de doden niets dan goeds,  want die zanger – ik laat zijn naam met opzet achterwege - dat is een pseudoniem.  Daar zit iemand achter die nog leeft.  Hij heeft er een plaatje bij gedaan van een in eerste aanleg onsympathieke bleke, vierkante kop (getekend, geen foto), en de aantallen die hij zelf volgt en die hem volgen, lopen in de tienduizenden. Toch een prestatie voor een lijk.

Wie zit erachter? Een groep Russische trollen, Chinese spybots, een EU-bot die volgers delft? Wat willen het lijk en die twee anderen van mij? Is het volgen van onbekenden een manier om de eigen bekendheid te vergroten? Proberen ze mijn telefoon te hacken? Waarom word ik gevolgd? Ik laat immers geen tweets achter, ik kijk alleen wat anderen tweeten, plaats een enkele keer een retweet, en daar laat ik het bij. Ik volg uit nieuwsgierigheid, om het nieuws en de mooie plaatjes.

Het zou aardig zijn als ik gevolgd zou worden door mensen van wie hun werk mij boeit, door interessante figuren die iets te melden hebben, al was het maar Donald Trump. Maar nee, het gaat virtueel de verkeerde kant op, precies als in de echte werkelijkheid.  Daarin heb ik geregeld last van hardnekkige, vaak ook nog lelijke mannen op leeftijd die na aanschaf van een kunstwerk van mijn hand, meer willen. De kunstaankoop is dan een tussenstap, in hun ogen.  Vervolgens krijg ik sms’jes, appjes, mails – ik laat ze onbeantwoord, en zet achter hun telefoonnummer ‘stalker’.

Nu ik door een mij onbekende, lelijke dode man gevolgd word, denk ik:  als het nou mijn eigen doden waren , mensen van wie ik houd,  dan zou het een ander verhaal zijn. Een postume mogelijkheid tot tweezijdige communicatie.

‘Kom terug,’ zou ik ze zeggen. ‘Kom alsjeblieft terug. We gaan in de werkelijkheid weer muziek maken en lol trappen en eten en drinken tot in de kleine uurtjes. En laat die griezelige mevrouw, dat museum en die Italiaanse zanger daarginds.’ 
Helaas. Tot ik weet hoe ik van mijn volgers afkom, zit ik met ze opgescheept.

Ps. Gisteren heeft zich bij mijn drie volgers een vierde gevoegd. Het ziet ernaar uit dat deze leeft. Een hele vooruitgang. En de krankzinnige heeft zich geloof ik afgemeld. Ook mooi. 


| mv | Wed, 04 Jul 2018 |



De Woensdagaffaire #11

Ode aan Melly Shum

Het kunstwerk dat me het meest een gevoel van vrijheid geeft, is het werk van Jean Dubuffet (1901-1985) dat in de tuin van het Krller-Mller museum staat. Deze “Jardin d’mail” (1973) zoals Dubuffet het noemt, neemt flink ruimte in en bestaat uit een soort puzzelstukken, wit met zwarte randen waar je overheen kunt lopen als een poppetje in een maquette. Als de zon schijnt, schittert het wit in je ogen. Ik zou er graag naast willen wonen, het elke dag willen zien en dan denken: het kan! Zo kan het ook!
    Vroeger stond er ook n, maar kleiner en iets minder aansprekend (vanwege superhoge concurrenten) aan de voet van de Twin Towers in New York. De maillen tuin roept bij het zien ervan enorme opluchting op en het is jammer dat we er niet meer van hebben, en dichter bij huis.

    Een heel andere ervaring deed ik op bij het zien van een ‘billboard’ dat sinds 1990 zit vastgeplakt aan de gevel van een zijstraat van de Witte de Withstraat in Rotterdam. Daarop zie je een vrouw aan een bureau zitten. Ze kijkt je niet onvriendelijk aan, maar door de tekst ernaast, (minstens zo groot als de foto), ga je zoeken naar benauwde trekken op haar gezicht.
“Melly Shum HATES her job”, staat er. Wat ze precies voor werk doet, is niet duidelijk. Iets op een kantoor, ergens. Soms denk ik: ik hoop maar dat haar werk niets met dieren te maken heeft, maar het doet er eigenlijk niet toe dat we niet te weten komen wat de aard van haar werk is, het draait erom dat ze het haat. Ze zit vast in dit werk, ze kan haar ontslag niet nemen en moet ermee doorgaan tot ze helemaal ziek en verkruimeld is. Haar werkgever, daarvan ben ik overtuigd, is een boerenlul vergelijkbaar met de baas van X, die overwerk in appelflappen uitbetaalt. Zulke hufters heb je overal natuurlijk, en geen klok luidt hard genoeg om de situatie te veranderen. Haar werkgever kan z’n gekte blijven uitleven, ook al worden alle werknemers er ziek van. (Denk aan The Office - niet voor niets een succesrijke tv-serie. )
    Een beetje jammer vind ik het gebruik van kapitalen in de tekst. Had de kunstenaar, de Canadees Ken Lum (1956), onderkast gekozen voor het woord “hates”, dan was het werk als geheel subtieler geweest. Nu is de tekst vet aangezet, iets te vrolijk en meer passend bij een strip waarin de hoofdpersonen van een flat kunnen vallen, een deuk in het wegdek slaan en dan gewoon doorlopen. De foto daarentegen is precies goed.
    Er is een tijd geweest dat ik ‘s nachts brieven schreef aan Melly Shum. Afhankelijk van het uur waarop - vier uur ‘s nachts is zo’n beetje het dieptepunt van de slapeloze - werden die brieven lang of kort. In de lange veel onherbergzame details over m’n werk, de korte een samenvatting van stress en ergernissen. Steevast eindigden die brieven met: Ik hoop dat we allebei snel ander werk vinden, Yours Truly, M.V.
    Daarna kwamen ze terecht op de postberg. Het voordeel van brieven schrijven en niet versturen is dat het net lijkt of je iets aan de situatie kan doen; of je actief n en ander verandert aan de echte werkelijkheid, want er bestaat altijd de mogelijkheid de brief inderdaad op de bus te doen en dan te denken dat je woorden de gewenste indruk maken. Een verstandig mens post zulke brieven niet om redenen die overduidelijk zijn: je gunt iemand een te ruime blik in je dooie hoek. En zelfs begripvolle (want niet-bestaande) Melly kan zoiets te veel worden.
    Gelukkig doe ik nu al jaren ander werk. Maar Melly niet, die hangt er nog steeds, gewond aan n oog ook nog. Dat gat is er door vandalen in gemaakt, misschien HATEN zij Melly, omdat ze weten wat voor werk ze doet.

image


image


| mv | Wed, 26 Jul 2006 |



Pagina 9 van 9 pagina's « First  <  7 8 9

 
English | Nederlands

Links

Rotterdamse kunstenaars

Chrystl Rijkeboer


Archief

2020
January
2019
December
September
July
June
May
April
March
January
2018
December
November
October
September
August
July
2012
March
2009
July
2006
July